maandag 10 december 2012

Het verhaal dat geschreven moet worden


Ik wil dit verhaal eigenlijk niet vertellen.
Al jaren verzet ik me er tegen.
Maar dit verhaal blijft me achtervolgen,
soms in mijn slaap of als ik rustig zit te mijmeren.
Dan loopt het verhaal mijn hoofd in,
de woorden komen, de zinnen stromen,
het WIL geschreven worden.
Dus ik heb toegegeven, uiteindelijk.
Met tegenzin, want het doet pijn,
dit verhaal.
Het doet pijn.
Misschien, ik hoop, dat het verhaal me met rust laat,
als het geschreven is.

Remkje



Hoofdstuk 1

“Het knapt!”, sist Anne luid in mijn oor.
Het duurt even voordat ik snap waar ze het over heeft. We zitten bij biologie naast elkaar in de collegebanken. Ik ben weggedroomd tijdens de verhandeling van de professor over neurotransmitters en geheugentraining.
“Wat knapt?”, sis ik terug.
“In mijn been…..het wordt helemaal warm….ik voel het door mijn hele been.” zegt Anne nu luider.

Ik weet niet meer wat ik teruggezegd heb. Of we gewoon het college hebben uitgezeten, of we er überhaupt nog wel over gepraat hebben. Ik ben het vergeten, of ik heb het verdrongen. Het is weg. Uit mijn geheugen gewist. Dit moment, dit cruciale moment, weg uit mijn geheugen. Vast een paar neurotransmitters die hun werk niet deden…op de dag die het begin was van het einde.

Anne had een dikke bult in haar been, om precies te zijn halverwege de hamstring van haar linkerbeen. Het deed veel pijn, met name tijdens de lange diensten in het restaurant waar ze in het weekend in de bediening werkte. Lang staan was pijnlijk.
Ik zei: “Ga dan naar de dokter.”
En eindelijk ging ze.
Het is een spierscheuring zei de dokter: “Gaat vanzelf over.”
Maar na 3 weken was het nóg niet over. Bovendien beweerde mijn vriendje, die voor fysiotherapeut studeerde, dat het scheuren van een spier erg pijnlijk is. Dus dat ze dat zeker gevoeld moest hebben.
Anne had een hekel aan sporten, deed er ook niet aan. Dus hoe kwam ze in Godsnaam aan een spierscheuring?

Het ging niet weg, dus Anne ging weer naar de dokter. Nu neemt hij haar wel serieus. Hij neemt een punctie en laat het op kweek zetten. Niets aan de hand, denkt Anne.
Tot ze gebeld wordt of ze wil komen en of haar ouders er bij kunnen zijn….
“Jongedame, u heeft een kwaadaardige tumor en moet naar het ziekenhuis om geopereerd te worden.” zegt de nogal domme dokter. Had hij haar maar eerder serieus genomen…
“Niets aan de hand”, zegt Anne, “Even opereren, en weg is het!”
Het woord kanker neemt ze niet in de mond. Maar kanker is het wel en een nogal agressieve vorm zelfs.
..........................
..............................
wordt vervolgd.............

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen